Hoe biomimicry je kan helpen om vitaler te worden

Vorige week was ik bij een inspiratiedag over Biomimicry van de Aeres Hogeschool in Wageningen. Biomimicry gaat over het leren van de wetten van de natuur en deze oplossingen toepassen in technologische innovaties, sociaal maatschappelijke vraagstukken, maar ook organisatie ontwikkelingsvraagstukken. Biomimicry betekent letterlijk ‘bios – leven’ en ‘mimesis – imiteren’.

Tijdens deze inspiratiedag zag ik veel mooie voorbeelden van hoe Biomimicry helpt om duurzame producten, processen en beleid te ontwikkelen. Bijvoorbeeld de 100% recyclebare tapijttegel van het bedrijf Interface. In dit soort voorbeelden wordt de ‘systemische intelligentie’ van de natuur heel slim gebruikt. Natuurlijke organismen en systemen hebben immers de afgelopen 3,8 miljoen jaar uitgevonden wat werkt, wat passend is binnen een context en wat bijdraagt aan overleven.

Ik vind het enorm inspirerend hoe in dit soort voorbeelden biologen, designers, ingenieurs, organisatiedeskundigen en techneuten samenwerken en tot nieuwe duurzame oplossingen komen. En toch was er iets wat mij opviel deze dag.

Na een aantal inspirerende lezingen en workshops merkte ik opeens hoe enthousiast ik was geworden van alle inspiratie: mijn wangen waren roodgloeiend en ik voelde nauwelijks nog mijn voeten op de grond. Toen ik daar bij stil stond, realiseerde ik mij dat bijna alle voorbeelden tijdens deze dag gingen over het realiseren van dingen buiten onszelf.  De focus lag op ontwerpen met behulp van Mimicry: hoe kun je als bedrijf, als organisatie, netwerk, school slim gebruik maken van de natuur. Heel kort door de bocht gaat het steeds om de volgende stappen:

  1. Er is een vraag van een organisatie (bijvoorbeeld hoe kunnen we samenwerken met de omgeving)
  2. Je kijkt hoe de natuur dat doet: hoe organiseert de natuur samenwerking en probeert dat natuurlijke patroon te doorgronden
  3. Je vertaalt het naar de vraag van de organisatie en ontwerpt een oplossing

Hartstikke mooi natuurlijk om zo tot slimme duurzame ontwerpen te komen. Maar het puzzelde mij ook. Want ik geloof dat duurzaamheid niet alleen gaat over technologische oplossingen. Het gaat in mijn ogen ook, of vooral, over het herstel van de relatie tussen mens en natuur, tussen mens en zichzelf en tussen mensen onderling.

En die rode wangen en mijn volle hoofd toonde voor mij maar weer dat de natuur begrijpen niet het zelfde is als ermee verbonden zijn.

’s Avonds bij mijn Qigong les voelde ik weer hoe alle Qigong oefeningen geïnspireerd zijn op de processen in de natuur. Qigong gaat over het leren beheren van je levensenergie. De Qigong oefeningen maken ook gebruik van die 3,8 miljoen jaar ervaring. Het is dus een hele dichtbije vorm van Biomimicry, waarbij je -op basis van diepe inzichten uit de natuur- dynamisch leert balanceren tussen tegenpolen. Omdat het teveel van het één een tekort van het ander oproept. Je leert balanceren tussen openen en sluiten, inspannen ontspannen, focussen en ruimte geven, uitreiken en terugtrekken, enzovoorts enzovoorts.

Als ik Qigong doe dan ervaar heel diep dat ik onlosmakelijk verbonden ben met de natuur, met al het leven. Dat bewustzijn wordt ook wel de ‘binnenkant van duurzaamheid’ genoemd. Ik geloof dat vanuit dat bewustzijn gemakkelijker duurzame keuzes ontstaan: want dat waar je je verbonden mee voelt, wat je dierbaar is, daar ben je graag zuinig op.

Bij een volgende conferentie bied ik graag een workshop “Embodyment van Biomimicry” aan. Zodat deelnemers heel dichtbij en elk moment kunnen ervaren dat je zelf onderdeel bent van de natuur.

Meer lezen over Biomimicry?

Bekijk dit inspirerende Biomimicry magazine dat Communicatiebureau de Lynx heeft gemaakt over Biomimicry. Boordevol verhalen van mensen uit het bedrijfsleven, de overheid en het onderwijs die vertellen biomimicry gebruiken in hun werk.

Gerelateerde berichten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Fill out this field
Fill out this field
Geef een geldig e-mailadres op.

Menu